De verschillende opties voor het plaatsen van een buitenunit
Er zijn meerdere manieren om een buitenunit te plaatsen, elk met hun eigen voor- en nadelen. De meest geschikte optie hangt af van de bouwkundige situatie van het pand, de beschikbare ruimte, de esthetische wensen en de technische vereisten van het systeem.
Wandmontage aan de gevel Dit is de meest gangbare plaatsingsmethode in Nederland. De buitenunit wordt met behulp van een stalen beugel direct aan de gevel bevestigd, doorgaans op een hoogte van 1,5 tot 2,5 meter boven het maaiveld. Voordelen zijn de eenvoudige toegankelijkheid voor onderhoud, de beperkte leidinglengte naar de binnenunit en de relatief lage installatiekosten. Het nadeel is dat de unit zichtbaar is op de gevel, wat esthetisch niet altijd wenselijk is. Bij wandmontage is de keuze van trillingsgedempte bevestigingssystemen cruciaal.
Plaatsing op de grond Bij voldoende ruimte naast of achter de woning kan de buitenunit ook op de grond worden geplaatst, op een speciaal betonnen fundatieplaat of op een stalen vloerframe. Dit heeft als groot voordeel dat er geen gevelbevestiging nodig is en dat trillingen niet via de gevel naar de woning worden overgebracht. Bovendien is de unit goed toegankelijk voor onderhoud. Nadelen zijn de grotere kans op beschadiging door vandalisme of toevallige aanrijding en de iets hogere kwetsbaarheid voor wateroverlast bij hevige regenval als de unit laag staat.
Dakmontage Op platte daken of bij gebouwen zonder geschikte gevelpositie wordt de buitenunit soms op het dak geplaatst. Dit is met name gangbaar bij bedrijfspanden, appartementengebouwen en winkels. Dakmontage vereist een stabiel, windbestendig montagesysteem en goede afwatering rondom de unit. Het voordeel is dat de unit volledig uit het zicht is. Het nadeel is de beperktere toegankelijkheid voor onderhoud.
Balkons en terrassen Bij woningen met een balkon of buitenterras wordt de buitenunit soms op het balkon geplaatst. Dit is installatietechnisch eenvoudig maar vereist wel dat het balkon voldoende vrije ruimte heeft voor correcte luchtcirculatie rondom de unit en dat de balkonconstructie de extra belasting aankan. Bovendien produceert de unit enig geluid en warmte, wat de gebruikservaring van het balkon kan beïnvloeden.
Inpandige technische ruimte met kanaaldoorvoer In bijzondere gevallen bijvoorbeeld bij monumentale panden of situaties waarbij geen enkele buitenpositie beschikbaar is kan de buitenunit in een technische ruimte worden geplaatst met geforceerde luchtaan- en afvoer via kanalen naar buiten. Dit is een complexere en duurdere oplossing maar biedt maximale bescherming van de gevel en het uiterlijk van het pand.
Technische vereisten bij het plaatsen van een buitenunit
Vakkundig buitenunit airco plaatsen vereist kennis van een aantal technische minimumeisen die door fabrikanten worden voorgeschreven en die direct van invloed zijn op de garantie en de prestaties van het systeem.
Minimale vrije ruimte rondom de unit Iedere fabrikant schrijft minimale vrije afstanden voor rondom de buitenunit. In het algemeen geldt aan de voorzijde waar de lucht uitgeblazen wordt een vrije afstand van minimaal 60 tot 100 cm. Aan de zijkanten en achterzijde is doorgaans 15 tot 30 cm vereist. Wordt hier niet aan voldaan, dan vermindert het rendement en vervalt in veel gevallen de fabrieksgarantie.
Maximale leidinglengte en hoogteverschil De koperen koelleidingen tussen de buitenunit en de binnenunit hebben een maximale toegestane lengte doorgaans 15 tot 25 meter voor kleine systemen, oplopend tot 30 of meer meter voor grotere systemen. Ook het hoogteverschil tussen de twee units heeft een maximum. Bij overschrijding van deze grenzen neemt de efficiëntie af en stijgt de kans op problemen met de koudemiddelcirculatie.
Correcte afwatering van condenswater De buitenunit produceert bij gebruik in verwarmingsmodus condenswater dat moet worden afgevoerd. De unit moet zo worden geplaatst dat condenswater vrij kan weglopen en niet ophoopt onder de unit zeker in de winter wanneer het condenswater kan bevriezen.
Elektrische aansluiting De buitenunit moet worden aangesloten op een geschikte elektrische groep in de meterkast. De kabeldikte, de zekeringwaarde en de afstand tot de meterkast worden bepaald door het vermogen van het systeem. Onze gecertificeerde monteurs verzorgen ook de elektrotechnische aansluiting conform de geldende NEN-normen.
Trillingsdemping Tussen de buitenunit en de bevestigingsbeugel of het fundatieplateau moeten altijd trillingsgedempte rubbers of isolatoren worden aangebracht. Dit voorkomt geluidsoverdracht via de bouwconstructie naar de woonruimte.
Wil je weten welke plaatsingsoptie het beste past bij jouw situatie? Bezoek onze contactpagina voor een vrijblijvende inspectie op locatie onze specialist beoordeelt de situatie en adviseert over de meest geschikte oplossing.
Akoestische overwegingen bij het plaatsen van een buitenunit
Geluid is voor veel mensen het grootste bezwaar bij de plaatsing van een buitenunit. Terecht, want een slecht geplaatste unit kan aanzienlijke geluidsoverlast veroorzaken voor jezelf, maar ook voor buren.
Geluidsproductie van moderne buitenunits Moderne buitenunits van kwalitatieve merken als Daikin, Mitsubishi Electric, Samsung en LG produceren bij normaal gebruik tussen de 45 en 55 decibel op één meter afstand. Dat is vergelijkbaar met een normaal gesprek of het geluid van een koelkast. Bij de laagste stand daalt dit naar 38 tot 45 decibel nauwelijks hoorbaar buiten.
Reflectie en versterking Geluid dat door de buitenunit wordt geproduceerd, kan worden weerspiegeld en versterkt door omliggende harde oppervlakken een schutting, een muur, een garage of een nis in de gevel. Bij de plaatsingskeuze houden wij hier altijd rekening mee. Een unit die vrij staat in een open ruimte produceert aanzienlijk minder geluidshinder dan een unit die geplaatst is in een hoek omgeven door reflecterende wanden.
Afstand tot slaapkamerramen van buren In stedelijke omgevingen staan woningen dicht op elkaar. De buitenunit moet zodanig worden geplaatst dat het geluidseffect op nabijgelegen slaapkamerramen van buren minimaal is. Dit is niet alleen een kwestie van beleefdheid maar ook van wet- en regelgeving: gemeenten hanteren geluidsnormen voor buitenunits van aircosystemen in woonwijken.
Geluidswering via schermen In situaties waarbij de buitenunit onvermijdelijk dicht bij een erfgrens of een raam van een buur staat, kunnen speciale geluidsabsorberende schermen worden geplaatst. Wij adviseren hierover en kunnen de plaatsing van dergelijke schermen meenemen in de installatie.
Juridische en planologische aspecten
Het buitenunit airco plaatsen is niet alleen een technische maar ook een juridische aangelegenheid. Afhankelijk van de situatie kunnen er vergunningsplichten, VvE-regels of burenrechtelijke beperkingen gelden.
Vergunningplicht In de meeste gevallen is voor het plaatsen van een buitenunit aan de gevel van een reguliere woning geen omgevingsvergunning vereist. Er zijn echter uitzonderingen: monumentale panden, woningen in beschermd stadsgezicht en situaties waarbij de unit aan de voorgevel of straatzijde wordt geplaatst. Onze adviseur toetst dit altijd voorafgaand aan de installatie voor jouw specifieke situatie.
VvE-toestemming Woon je in een appartementencomplex of een woning die onderdeel uitmaakt van een Vereniging van Eigenaren, dan is toestemming van de VvE vereist voor het aanbrengen van een buitenunit. Sommige VvE’s hebben hiervoor expliciete regels in het huishoudelijk reglement. Wij adviseren je over hoe je dit verzoek het best kunt indienen en welke technische informatie de VvE doorgaans nodig heeft om een beslissing te nemen.
Burenrecht en geluidsoverlast Wettelijk gezien mag een buitenunit geen onrechtmatige hinder veroorzaken voor buren. Wat als onrechtmatige hinder wordt beschouwd, is afhankelijk van de omstandigheden, maar geluidsproductie boven de geldende normen en plaatsing direct grenzend aan het woonraam van een buur zijn situaties die juridische bezwaren kunnen oproepen. Een correcte plaatsing voorkomt dit volledig.